Sinds enige tijd placht Maya zich in te zetten voor de buitenschoolse acties van het kleuterschooltje van Gaston en Lea. De oudervereniging was voor de meeste leden een welkom vervolg op de scouts: vergaderen, tuinheggen sjorren, buiten spelen – tijdens de jaarlijkse sportdag voor jong en oud –, feestjes organiseren, koekjes bakken voor het goede doel, olijke grappen maken, genieten van een algeheel constructief samenhorigheidsgevoel, … .
In juni nam – klassiek – het koninginnestuk van het jaar plaats: de zomerbrunch. Vorig jaar hadden de verzamelde moeders en vaders van het oudercomité een volledig Italiaans buffet in elkaar gebokst (u vindt de recepten op www.onskookblog.be), dit jaar viel de keuze op het thema ‘Frankrijk’. Dat werd dus quiches voor 300 man. Het enige moment van het weekend waarop Maya haar quiches geitenkaas kon bakken was zaterdagvoormiddag. Na een korte retroplanning bleek dat ze niet anders kon dan om 9u in de Colruyt staan voor de ingrediënten en dat was in haar hele leven nog nooit voorgevallen. Ook de Colruyt zelf kwam nog maar een paar jaar geleden in haar leven, namelijk toen de oerongezellige discountbarak wat meer allure kreeg door de superdroge humor van hun medewerker Philippe Geubbels. Lang had Maya gehoopt om hem een keer aan het woord te horen door de intercom, zoals ze hem eens hilarisch op tv had horen doen. Helaas zijn de tijden dat Philippe Geubbels nog grappig was, alweer lang vervlogen en ruilde hij de Colruyt in voor VT4, ook een goedkope discountbarak.
De parking was vrijwel leeg, een meevaller. Toch stapte er om vijf na negen al een koppel met volle kar buiten. Op dergelijke momenten voelde Maya steeds een vorm van onrust over zich komen: ben ik nu de abnormale? Lees verder →
juni 23, 2009
Vredige nieuwe wereld
juni 11, 2009
Zwanger
Volgens een kort artikeltje in De Standaard met als titel ‘Zwanger’ werden vorig jaar dertig gevallen gevonden van vrouwen die ofwel werden ontslagen omdat ze zwanger waren ofwel werd hen bij sollicitatie gemeld dat de baas ‘not amused’ zou zijn bij nakend ouderschap. De Standaard besluit dat het MAAR om dertig gevallen gaat.
De ideale werknemer is dus een goedkope twintiger zonder voortplantingsplannen.
En binnen een jaar of 20 kan diezelfde manager zijn bedrijf sluiten wegens gebrek aan werkkrachten, maar bon, dat zal hem worst wezen, tegen dan is zijn levensdoel toch al lang vervuld, namelijk rondrijden met een Jaguar.
Langetermijnvisie, het arme woord heeft duidelijk nood aan een reclamecampagne.
juni 2, 2009
Gaan zitten
Enkele jaren geleden, toen Maya nog elke dag van 8u30 tot 19u30 van huis was, vond ze op een avond een briefje van de postbode in de bus met de boodschap dat er een aangetekende zending lag te wachten op haar in het postkantoor. Ze vloekte, dat betekende weer maar eens te laat komen op het werk, want als er geen monsterfile was, dan was er wel een kind dat ziek was, en als dat niet het geval was, dan was er wel een onverwachte vieze luier en als dat niet het geval was, dan ontdekte ze bij het naar buiten stappen een klodder overgeefsel op haar schouder en als dat niet het geval was…. dan was het een uitzonderlijke dag waarop alles op rolletjes liep.
Enkele dagen later vloekte Maya opnieuw, niet alleen moest ze op 8 oktober 2006 “gaan zitten”, ze moest daarvoor ook nog eens langs het gemeentehuis.Weer te laat komen, er zat niets anders op.
In de dagen die volgden had iedereen wel een mening over het fenomeen. “Als je te laat komt, mag je weer naar huis, doen dus!” zei iemand. Anderen vonden dan weer dat je je burgerplicht moest doen. Burgerplicht of brossen, bij Maya primeerde gewoon de nieuwsgierigheid. Dus verscheen ze die 8ste oktober 2006 iets na zevenen op het appel. Na wat militair aandoende formaliteiten mochten er een aantal gelukkigen weer naar huis, maar Maya moest blijven.
“Ik zit hier ook niet voor mijn plezier,” stak de zenuwachtige voorzitter van wal. Hij deed iets in de douanesector en blijkbaar was het voorzitterschap bij verkiezingen een extralegaal nadeel van die job. Lees verder →
mei 19, 2009
Vieze namen
Een naam kiezen voor je zaak is niet simpel, en – toegegeven – een kwestie van persoonlijke smaak. Ik moest erg lachen met de onderstaande vruchten van de fantasie van de hedendaagse zelfstandigen uit de regio. De laatste vind ik feitelijk ook gewoon vies.
Koning Fritter (Frituur, Duffel)
In ‘t Vlezeke (Charcuterie, Deurne)
G-Spot (Dameskapper, Borgerhout)
mei 11, 2009
Het einde van het schoolkamperen
Aan alles komt een einde, ook aan een in het begin schier eindeloos lijkende kampeerweek in het kille februari. Tijdens het weekend van die rare week werd het alsmaar gezelliger in de schoolcamping. Het zonnetje scheen en de kampeerouders zaten op de speelplaats, er werd wat gebasket, de kinderen konden hun toekomstige speelplaats verkennen, e-mail-adressen werden uitgewisseld, levensverhalen ook. Op zondag werd er afgesproken om formeel de koppen bij elkaar te steken voor een “debat”, over keuzes en kamperen, gevolgd door samen frietjes eten en cava drinken. “Is het waar dat we allemaal op onze kop zijn gevallen dat we dit doen?” staken de sympathieke gelegenheidsmoderatoren van wal. Er kwamen een rist bedenkingen naar boven. Over idealisme, over in de buurt van de school wonen, over betrokkenheid, … . Een pasklaar antwoord of oplossing vonden de ouders niet, iedereen vond het kamperen discriminerend, maar iedereen wilde ook de vrijheid hebben om zelf te kiezen.
Ongewild zaten de kampeerouders in het oog van een mediastorm, de maandag na de krokusvakantie haalde het gegeven de maandagcolumn van “de weekendwatcher” op Radio 1 die prompt aan het fantaseren sloeg over mogelijke scheidingen en huwelijkscrisissen ten gevolge van het al te gezellig samenzijn, als ware het een koude versie van ‘Temptation Island’. Frappant bleek dat er her en der gekampeerd was aan scholen waar dat niet eens nodig was geweest, genre, dertig kampeerders voor veertig plaatsen. Ook de kampeerders in Brussel haalden nog het nieuws, met hun zestiendaagse kampeersessie was er een vrouw in het ziekenhuis beland wegens longontsteking.
Maar het moet gezegd, die zondag heerste er onder de schoolkampeerders een ‘einde van het kamp’ gevoel, al kon Maya zich daar later nog maar weinig van herinneren: de combinatie van oververmoeidheid en een paar glaasjes cava… Deze week haalden schoolkampeerders weer het nieuws, dit maal in Haacht waar er een paniekreactie ontstond nadat er iemand een tentje had opgemerkt. Al was het dan van Belgacom, niemand wilde het risico lopen, dus stonden er al gauw honderd tenten en mobilhomes. In Antwerpen is het kamperen sinds deze week voorgoed een kleine voetnoot geworden in de geschiedenis. Vanaf volgend jaar volgt Antwerpen het Gentse voorbeeld en schuift u aan op de digitale snelweg. Mocht u ooit een bende kamperende ouders zien in een van de Deurnese parken, schrik dan niet, misschien zijn wij het wel, for old times sake. En kom gerust een cavake meedrinken.
mei 6, 2009
Schaalverkleining
“Weet jij waar die gerookte forel ligt?” vraagt Willy terwijl hij vruchteloos de overvolle koelkast doorzoekt. “Linksonderaan, dat blauwe pakje onder de charcuteriedoos,” antwoord ik terwijl ik de tafel dek en een snottebel afveeg.
Vroeger wist ik perfect de weg in Brussel, nu weet ik perfect de weg in mijn koelkast en in de Colruyt.
Af en toe moet me zo eens iets van het hart.
april 26, 2009
Oordopjes in de neus
Conversatie bij een Milanese apotheker
“Do you have earplugs?”
“For nose?” vraagt de apothekeres
“No, for the ears,” zegt klant.
“Yes for nose,” herhaalt de apothekeres nadrukkelijk.
“No it’s for my ears, because I have a very noisy hotelroom.”
De apothekeres fronst geïrriteerd de wenkbrauwen, haalt een klein doosje tevoorschijn en zegt: “1,5 euro please”
“Ah, you meant for the noise,” zegt de klant opgelucht.
De apothekeres kijkt nog eens kwaad en herhaalt, “Yes, for nose.”
april 3, 2009
De smaak van de kleuter
Tijdens het wachten voor een rood licht, staat Maya achter een zwarte Mini Cooper. “Vinden jullie dat een mooie auto?” vraagt ze aan haar kritisch panel.
“Nee, mama, wij willen geen zwarte auto’s,” spreekt de woordvoerster (Lea).
“Wat vinden jullie dan wel mooi?”
Gaston (3 j 9 mnd) moet niet lang nadenken. “Die, mama!” terwijl hij een spuuglelijk oranje metallic-kleurig stadswagentje ernaast aanwijst.
“Had je dan liever dat mama’s auto zo’n kleur had?”
“Ja,” beaamt Gaston, “Maar papa zal die wel zo verven, want papa kan alles maken.”
april 2, 2009
Het incident (vervolg van dag vier)
Die middag bracht Maya thuis met de kinderen door, het was per slot van rekening nog altijd krookjesvakantie (zoals Lea dat zo schattig zei). Lea vond al dat gekampeer maar niets, ze wilde dat mama en papa samen thuis waren en ze wilde met haar vriendinnetjes van de kleuterschool in de klas zitten. Dat was een teer punt, want heelwat ouders hadden afgehaakt in het zicht van zoveel kamperen.
Maya’s moeder vond het allemaal even absurd. “Kunnen jullie nu niet gewoon naar huis gaan? Moeten jullie daar nu nog altijd je plaats gaan warmhouden? Kunnen jullie geen beurtrol inlassen?” Maya antwoordde dat het riskant was. Als er een ouder zou langskomen en een lege plaats opeisen, dan was al dat gekampeer voor niets geweest. Het enige alternatief waren de toestanden in Brussel, waar er al drie maal een deurwaarder een plaats was komen betekenen en waar de drukbezette ouders “een Peruviaanse vriend” hun plaats lieten warmhouden. Dat vonden de Deurnese kampeerders er ‘over’.
Even voor het avondeten liep er facebooknieuws binnen. “Een man is op net niet agressieve wijze komen checken of iedereen er wel was,” postte Ellen. Adrenaline! De man was tot in het midden van de zaal gelopen, en was met luide stem alle nummers afgegaan. Toen hij bij negen kwam, had nummer 9, Ellen, geantwoord: “En wiie bent u?” Hij negeerde haar en riep dreigend, “Waar zit nummer 9?” Toen bond Ellen in. Als hij alle twaalf nummers had gehoord, was hij weer naar buiten gebeend. De nummers van de wachtlijst liet hij voor wat ze waren. En net daarvan was er iemand even niet… .
Vanaf toen was het weer alle hens aan dek.
april 1, 2009
Nacht drie, dag vier
De derde kampeernacht was voor Maya. Willy had de avond tevoren al voor een bed gezorgd, het opklapbare oranje seventies ligbed waar zijn moeder doorgaans op lag te zonnen. Het was van het genre dat ongenadig tegen de vlakte klapt als je het onverhoeds benadert. “In het midden gaan zitten,” had Willy er werktuiglijk bij gezegd. Erop had hij bij wijze van extra matras een tuinkussen voorzien dat eveneens dateerde uit de seventies, getuige de groen-blauwe bloemenprint. Het was opgedekt met het reserve Ikea-donsdekbed– roodblauwe print op een witte fond – en daarop nog een opengeritste khakigroene slaapzak. Aan Willy mocht dan geen groot stylist verloren zijn gegaan, de looks van het bonte bed vertederden Maya, hier was vakkundig over nagedacht. De andere kampeerders hadden gewaarschuwd voor de koude in de turnzaal, dus kroop Maya met een wollen rolkraagtrui, een joggingbroek, kousen en beenverwarmers onder de wol. Ze plugde met wat moeite de oorstoppen in, probeerde zich een houding te vinden en niet al te veel te keren en te draaien, niet alleen uit schrik dat het bed alsnog een neerwaartse klapbeweging zou maken, maar ook omdat het geluid van de piepende veren de andere slapers misschien wel mateloos irriteerde.
De volgende ochtend werd ze redelijk uitgeslapen wakker, ze had wat geschuifel gevoeld rondom haar, maar ze schrok er van dat de anderen al allemaal rond een tafeltje koffie zaten te drinken. Willy bracht ontbijt, hij had een stapel boterhammen gesmeerd en dat vond Maya geweldig. De voormiddag passeerde aangenaam. Er werd wat gelezen, wat gebabbeld, wat gewerkt. Een van de andere mama’s was bezig met het inrichten van een B&B in de buurt (Au bon lit), een andere had zich net gevestigd als logopediste, nog een andere werkte van thuis uit als vertaalster. Het viel Maya altijd op hoe creatief vrouwen zijn in het zoeken naar een loopbaan die bij hun past, en dat de zoektocht nooit ophoudt voor de meesten. Mannen, vrouwen, grootvaders en grootmoeders wisselden elkaar gedurig af. Het duurde tot de laatste dag eer Maya wist wie nu eigenlijk bij wie hoorde. Van een broer en een zus had ze per ongeluk een koppel gemaakt, zodat ze nogal in de war was toen twee dagen later een andere vrouw zich voorstelde als zijn vrouw.
“Iemand iets nodig uit een stenen huis?” opperde een van de aanwezige mannen die naar huis vertrok. De sfeer was opperbest. Op dit blog verscheen een bemoedigende comment. “Het is de moeite waard! Ik heb er ook gezeten!” Dat vonden ook de anderen leuk om te horen. Een gsm piepte: “Ze zijn nu ook begonnen aan ‘t Klavertje!” Iemand ging even de benen strekken in het park. Het rabiate blijven zitten van de eerste dagen was er een beetje uit, hier en daar durfde er al eens iemand zijn plaats twintig minuten onbemand laten. Rond de middag vertrok Maya naar huis, haar schoonvader loste haar af. Thuis pelde ze de lagen kleren af. Allemaal meteen in de wasmand, de schimmelachtige rubbergeur van de turnzaal zat overal in.