april 1, 2009...9:28 am

Nacht drie, dag vier

Spring naar reacties

De derde kampeernacht was voor Maya. Willy had de avond tevoren al voor een bed gezorgd, het opklapbare oranje seventies ligbed waar zijn moeder doorgaans op lag te zonnen. Het was van het genre dat ongenadig tegen de vlakte klapt als je het onverhoeds benadert. “In het midden gaan zitten,” had Willy er werktuiglijk bij gezegd. Erop had hij bij wijze van extra matras een tuinkussen voorzien dat eveneens dateerde uit de seventies, getuige de groen-blauwe bloemenprint. Het was opgedekt met het reserve Ikea-donsdekbed– roodblauwe print op een witte fond – en daarop nog een opengeritste khakigroene slaapzak. Aan Willy mocht dan geen groot stylist verloren zijn gegaan, de looks van het bonte bed vertederden Maya, hier was vakkundig over nagedacht. De andere kampeerders hadden gewaarschuwd voor de koude in de turnzaal, dus kroop Maya met een wollen rolkraagtrui, een joggingbroek, kousen en beenverwarmers onder de wol. Ze plugde met wat moeite de oorstoppen in, probeerde zich een houding te vinden en niet al te veel te keren en te draaien, niet alleen uit schrik dat het bed alsnog een neerwaartse klapbeweging zou maken, maar ook omdat het geluid van de piepende veren de andere slapers misschien wel mateloos irriteerde.

De volgende ochtend werd ze redelijk uitgeslapen wakker, ze had wat geschuifel gevoeld rondom haar, maar ze schrok er van dat de anderen al allemaal rond een tafeltje koffie zaten te drinken. Willy bracht ontbijt, hij had een stapel boterhammen gesmeerd en dat vond Maya geweldig. De voormiddag passeerde aangenaam. Er werd wat gelezen, wat gebabbeld, wat gewerkt. Een van de andere mama’s was bezig met het inrichten van een B&B in de buurt (Au bon lit), een andere had zich net gevestigd als logopediste, nog een andere werkte van thuis uit als vertaalster. Het viel Maya altijd op hoe creatief vrouwen zijn in het zoeken naar een loopbaan die bij hun past, en dat de zoektocht nooit ophoudt voor de meesten. Mannen, vrouwen, grootvaders en grootmoeders wisselden elkaar gedurig af. Het duurde tot de laatste dag eer Maya wist wie nu eigenlijk bij wie hoorde. Van een broer en een zus had ze per ongeluk een koppel gemaakt, zodat ze nogal in de war was toen twee dagen later een andere vrouw zich voorstelde als zijn vrouw.

“Iemand iets nodig uit een stenen huis?” opperde een van de aanwezige mannen die naar huis vertrok. De sfeer was opperbest. Op dit blog verscheen een bemoedigende comment. “Het is de moeite waard! Ik heb er ook gezeten!” Dat vonden ook de anderen leuk om te horen. Een gsm piepte: “Ze zijn nu ook begonnen aan ‘t Klavertje!” Iemand ging even de benen strekken in het park. Het rabiate blijven zitten van de eerste dagen was er een beetje uit, hier en daar durfde er al eens iemand zijn plaats twintig minuten onbemand laten. Rond de middag vertrok Maya naar huis, haar schoonvader loste haar af. Thuis pelde ze de lagen kleren af. Allemaal meteen in de wasmand, de schimmelachtige rubbergeur van de turnzaal zat overal in.

3 Reacties

  • Leuk hoe je het kamperen in kleuren én geuren beschrijft! Ik kijk al uit naar episode n°3.
    Groetjes,
    Nathalie

  • Ik vrees dat die schimmelachtige rubbergeur wel eens van de luchtmatras zou kunnen komen die dienst deed als ons bed en naast jullie superdeluxe slaapbank stond. Wij hadden er geen in huis en de vriend die er nog ergens één liggen had is wel heel erg lang in zijn kelder gebleven voor hij terug boven kwam met dat museumstuk.
    Wel bracht die geur mij terug naar mijn eigen tienerjaren toen ik nog bij elk scoutsjaar op zo’n ding sliep. Straf hoe een geur dikwijls veel meer herinneringen oproept dan een oude foto.

  • haha! Ik ben echt wel zeker dat dat niet van je luchtmatras kwam, die geur bracht mij ook echt terug naar de tijd van ‘Reis rond de wereld’ en aan de kant moeten gaan staan tijdens volleyball wegens te weinig balfeeling (dat woord zal ik dus nooit of te nimmer vergeten).


Reageer